Home
Per jaar
2026
2025
2024
2023
2022
2021
2020
2019
2018
2017
2016
2015
2014
2013
2012
2011
2010
2009
2008
2007
2006
2005
2004
2003
2002
2001
2000
1999
1998
1997
1996
1995
1994
1993
1992
1991
1990
1989
1988
1987
1986
1985
1984
1983
1982
1981
1980
1979
1978
1977
1976
1975
1974
1973
1972
1971
1970
1969
1968
1967
1966
1946
1945
Filter op ..
Toon alle
Recent geupdate
Categorie
Blauwe reeks
Hollandse ongekleurde reeks
Hollandse tweekleurenreeks
Vierkleurenreeks
Speciale uitgave
Strips zonder omslag
Ontbrekende strips
-->
Login
Gebruikersnaam:
Wachtwoord:
Log-in
×
echo $error ?>
Home
DETAIL
ITEM
Stripboeken
1 items gevonden
Het Gouden paard
1969
100
Vierkleurenreeks
Tekenaar:
Marc Verheagen
Schrijver:
Vanaf strook 157 Paul Geerts
Uitgave uit 1969 1e druk. Wiske heeft in dit verhaal een ander kapsel en Sidonia komt er niet in voor en ook niet Jerom. Standaard Uitgeverij Antwerpen / Utrecht. Bij N.V. SCRIPTORIA Belgie. Het gouden paard Scenario Willy Vandersteen Tekeningen Willy Vandersteen Inkter Karel Boumans Het gouden paard is het 45e stripverhaal uit de reeks van Suske en Wiske, geschreven en getekend door Willy Vandersteen. Het werd gepubliceerd in het stripweekblad Kuifje van 26 februari 1958 tot en met 23 april 1959. Het was het achtste en tevens laatste Suske en Wiske-verhaal dat Vandersteen voor Kuifje maakte. Vandersteen begon direct na Het gouden paard nog te werken aan De sonometer, maar dit verhaal heeft hij nooit voltooid. Lambik is scheepsdokter van een oorlogsschip in een kuststadje der Nederlanden en is daar chirurgijn-barbier. Suske en Wiske wonen bij hem in. Op een avond komt Don Alvarez de Leon bij het huis aan, maar hij wordt neergeschoten. Lambik kan hem nog net redden. Don Alvarez vertelt dat hij een man met een gele hoed zou ontmoeten in de herberg en Suske wordt op pad gestuurd. Wiske achtervolgt hem en ziet dat hij wordt aangevallen op straat, maar Suske weet te ontsnappen en de kinderen gaan naar de herberg. Ze weten niet dat ze afgeluisterd worden als de man met de gele hoed vertelt dat een geheime lading in de molen-ruine afgeleverd moet worden. Samen met Lambik brengen ze de lading naar de ruine van de molen. Daar worden ze door boeven aangevallen en de molen wordt in brand gestoken. Lambik weet de kist te redden en bevrijdt hieruit een gouden paard genaamd Pepita. Don Alvarez legt uit dat hij Pepita aan boord van de Vittoria moest brengen om naar Vera Cruz te gaan. Daar wil Cortez het paard aan de Azteekse koning Montezuma schenken om indruk te maken. De vrienden beloven het paard aan boord van het galjoen te brengen, maar dat is in handen gevallen van aanhangers van Velasquez, dezelfden die de molen in brand staken. De vrienden slagen erin om aan boord van het galjoen te komen. Lambik weet de kapitein te overmeesteren, maar al snel worden ze zelf overmeesterd. Als Lambik van de plank moet lopen, komt Pepita te hulp en daardoor raken veel mannen gewond. Omdat er geen andere dokter is, besluit de kapitein Lambik aan boord te houden zodat er iemand is om voor de gewonden te zorgen. Als ze bij een eiland aanleggen, zien Suske en Wiske een piraat. Met een list lokken ze de kapitein van boord. Later vluchten ook de andere mannen als ze denken dat Suske en Wiske en Lambik de pest hebben. Na twee dagen zeilen komen ze een windhoos tegen en met het wrak stranden ze later op de kust van Yucatan. Lambik vindt een geheime gang in een beeld en bevrijdt de ontdekkingsreiziger Geronimo, die in handen was gevallen van de Tabascanen. Cortez wil de Tabascanen onderwerpen en hen tot bondgenoot maken om de hoofdstad aan te vallen. Suske wordt overmeesterd en meegenomen naar een dorp en de vrienden gaan hem zoeken. Ze worden overmeesterd en Lambik hoort dat de mannen het gouden paard in naam van Velasquez aan Montezuma willen schenken. Als hij het paard niet overhandigt zullen ze Suske doden. Maar als Lambik Pepita komt brengen hebben de mannen goud ontdekt, en daardoor hechten ze totaal geen waarde meer aan hun opdracht. Lambik weet aan de Spanjaarden en Tabascanen te ontkomen met Pepita, maar hij keert terug als hij hoort dat er veel gewonden zijn gevallen in de gevechten. De Spanjaarden zijn hem erg dankbaar en keren terug naar Spanje. Verkenners van Montezuma overmeesteren Suske en Wiske. De twee kinderen worden bij een beeld van Huitzilopochtli, de god van de oorlog, gebracht. Ze worden op een offersteen gelegd en als de zon op het beeld schijnt, zullen ze worden geofferd. Lambik wil hen redden, maar drinkt per ongeluk een slaapmiddel. Door een ontploffing worden de kinderen alsnog gered en de mannen onderwerpen zich. De zonnepriesters van Montezuma komen de vrienden verwelkomen, volgens een oude legende zou een blanke geest komen om het volk te kastijden, en ze worden naar Tenochtitlan gebracht. De hoofdpriester doet meerdere pogingen het gouden paard te doden voordat het bij Montezuma wordt gebracht, maar Suske, Wiske en Lambik steken hier steeds een stokje voor. Suske komt in een park terecht en redt daar de jonge slaaf Mitlo van een poema. Mitlo waarschuwt Suske dat alle blanken in gevaar zijn, waarop Suske zijn vrienden waarschuwt. Ze brengen Pepita nu eindelijk naar Montezuma. Lambik en het paard voeren een dans uit voor de keizer. De vrienden worden uitgenodigd voor het eten en Pepita mag zich verfrissen in de vijver, waar echter een heilige alligator in zwemt. Pepita weet de alligator te overmeesteren, waarop Montezuma overtuigd is van haar macht. De "beloning" blijkt te zijn dat Pepita zal worden geofferd. Als Lambik haar wil redden moet hij het opnemen tegen twee jaguarkrijgers, twee arendkrijgers en een slangenkrijger. Met een paar slimme trucs weet hij alle gevechten te winnen. Suske, Wiske en Pepita worden door Mitlo gered uit een kamer met gas. Ze gaan ervandoor voordat de zonnepriesters hen kunnen doden. Lambik wint intussen de gevechten en wordt door Montezuma naar het leger van Cortez gestuurd om hem te vertellen dat hij in vrede moet komen. Het leger nadert de hoofdstad al behoorlijk. Als Lambik een ongeluk krijgt, ziet hij per toeval de keizer en vindt een geheime gang. Nadat hij een gesprek afluistert kan hij een persoon neerslaan die Montezuma belaagt. Degene die door Lambik werd aangezien voor de belager blijkt echter Montezuma zelf te zijn, die door de valse Montezuma gevangen was genomen. Axaja heeft zich al die tijd met een masker voor de keizer uitgegeven. De hoofdpriester wilde namelijk niet dat Montezuma vrede sloot met Cortez en diens mannen. Axaja weet uit de ruimte waar hij Montezuma had opgesloten te ontsnappen. Met een legermacht valt Axaja het paleis aan, maar de vrienden verschansen zich. Als ze dreigen te verliezen, komt Pepita te hulp. Dan arriveren ook de keizerlijke troepen. De rebellen worden gevangengenomen en kort daarna arriveert Fernando Cortez voor de poorten van de stad. Hij heeft slechts driehonderd mannen en tientallen paarden meegenomen voor deze lange reis. De ontmoeting verloopt goed en Mitlo wordt beloond door Montezuma, Pepita mag meegenomen worden door de vrienden om altijd thuis in de groene weiden te lopen. In een van de laatste plaatjes wordt kort verteld hoe het verdergaat in het Azteekse rijk. De gesloten vriendschap tussen Cortez en de Azteken blijkt van korte duur; Montezuma komt om in een nieuwe strijd en zijn opvolger moet zich onderwerpen aan de Spanjaarden. Achtergronden bij het verhaal Dit verhaal is gebaseerd op de conquistadores die in de 16de eeuw Midden- en Zuid-Amerika veroverden. Er is enige controverse over dit verhaal omdat de hoofdpersonages de Spaanse conquistadores helpen met het veroveren van de Aztekencultuur. In de echte geschiedenis vernietigden de Spaanse kolonisten deze authentieke cultuur en roeiden het Aztekenvolk uit. Op het einde is Vandersteen zelf even te zien, als Lambik hem vraagt wat er met Pepita zal gebeuren. Vandersteen heeft zich voor het Gouden Paard mogelijk laten inspireren door het toppaard van de Romeinse keizer Commodus (161-192 v. Chr.). Die toonde zijn lievelingsdier bij wijze van afscheid tijdens wagenrennen aan het volk; voor het spektakel verfde hij het geel en vergulde de hoeven. Het paard heette Pertinax, wat dicht tegen de naam van Pepita aan ligt.